Amsterdam Sinfonietta in dialoog met Rufus Wainright

Hoe bereid je je voor op een concert waar Amsterdam Sinfonietta en Rufus Wainwright elkaar ontmoeten? Zijn albums nog eens luisteren helpt niet echt, veel zal er niet van gespeeld worden. Het werk van Amsterdam Sinfonietta afstoffen? Dat zal je ook niet verder brengen. Ze richten zich juist op onvoorspelbaarheid, vernieuwing en innovatie. Het enige wat je zeker weet is dat het bijzonder zal worden. Je kunt het het beste maar over je heen laten komen. En dat loonde. Het publiek werd een avond lang betoverd door een prachtige versmelting van stijlen, invloeden en sferen. Daarin kwamen zowel gastheer Amsterdam Sinfonietta (of is een strijkorkest een gastvrouw?) als Rufus Wainwright schitterend uit de verf. Nou ja, uit de verf. Ze hanteerden de verf, en toverden de prachtigste schilderijen.

Het toneel was al voordat er een noot gespeeld was heel sfeervol. Een grote kersenbloesem torende boven de musici uit en schiep een sprookjesachtige sfeer. Door de verschillende belichting werd hiermee de sfeer van de muziek gevolgd, op andere momenten zelfs bepaald. In zijn eenvoud een zeer krachtig decor dat je makkelijk over het hoofd zou kunnen zien, maar zijn uitwerking niet miste.

Het muzikale programma liet al op voorhand duidelijk zien dat dit concert helemaal in het teken stond van Rufus Wainwright. De dialoog, dat wat het ´breder dan klassiek´ maakte, was het feit dat voor alle stukken arrangementen gemaakt zijn voor Amsterdam Sinfonietta. Zo kwam de muziek van Wainwright, of de stukken van anderen die hij selecteerde voor het concert, in het muzikale idioom van een strijkorkest terecht.

Het concert begon volgens de klassieke traditie met een ouverture. De voorliefde voor opera van Wainwright toonde zich in een ruime vertegenwoordiging van het oeuvre op de set list. Bij de opening met La Traviata stond in ieder geval alvast het kippenvel op de armen. De entree van Rufus Wainwright zorgde vanzelfsprekend voor het nodige enthousiasme in de zaal. En zijn veelzijdigheid en flexibiliteit bleken al meteen in ‘All I Want’ van Joni Mitchell – tevens titelsong van de avond). Het leek er even op dat zijn stem nog wat moest warm draaien, en daarbij is het niet bepaald een eenvoudige nummer om te zingen, maar al gauw klonk toch vooral de ongelofelijke kwetsbare kracht van zijn stemgeluid.

Zeker in het daaropvolgende ‘l’Ile inconnue’ van Hector Berlioz was het duidelijk. De verbinding tussen Rufus Wainwright en opera, musical en vaudeville is een hechte en zeer doorleefde. Als je zijn eigen oeuvre nagaat, zie je al gauw dat dit programma absoluut niet zomaar tot stand is gekomen. Stukken van de grotere operacomponisten, geflankeerd door werk van Canadese landgenoten (Joni Mitchell, Leonard Cohen) en familie (zijn vader Loudon, moeder Kate en tante Anna) bieden een blik op zijn muzikale ziel. De kwetsbaarheid waarmee hij die deze avond toonde was indrukwekkend en aandoenlijk. Want eerlijk is eerlijk, voor de klassieke stukken kwam hij zangtechnische basis tekort. Maar dat werd ruimschoots gecompenseerd door de beleving en inleving, door de kwetsbare kracht die hij toonde. Daarmee raakte hij ver voorbij de techniek en kwam tot de ziel. De ziel van de stukken, de ziel van de vertolker en ja, de ziel van de luisteraar.

Als er een ding is dat over dit concert gezegd kan worden, dan is het toch vooral dat het een betoverende avond was. De luisteraar ging er verrijkt vandaan. Verrijkt met het gevoel een kijkje te hebben mogen nemen in de wereld van Rufus Wainwright waarin langs allerlei stijlen en invloeden, gedragen door Amsterdam Sinfonietta een volstrekt authentieke artiest zich toont. Hij wilde met deze concertreeks doordringen tot het hart van iedere bezoeker. In het hart van deze is hij gebleven.