Mark Guiliana’s Beat Music (Bird Rotterdam, 22-05-2015)

De Amerikaanse drummer Mark Guiliana is een vreemde eend in de hedendaagse jazzdrummersbijt. De lijst met artiesten waarmee hij heeft samengewerkt is indrukwekkend. Brad Mehldau, Avishai Cohen, Gretchen Parlato en zelfs David Bowie zijn onderdeel van een lange reeks topmuzikanten. Nu is het als Amerikaan met het talent en de muzikaliteit van Guiliana ook niet verwonderlijk dat je als sideman veel gevraagd wordt. Interessanter wordt het uiteraard wanneer je uit je rol als sideman kruipt en je eigen groep formeert waarmee je eigen muziek gaat creëren, uitvoeren en uitbrengen. Uniek kunnen we dit uiteraard niet noemen gezien de vele topdrummers uit de jazzwereld die Guiliana voor zijn gegaan in het leiden van een eigen band. Art Blakey en Buddy Rich of recenter Brian Blade zijn enkele succesvolle voorbeelden uit deze categorie. Drummers die hun creativiteit de vrije loop lieten en zo legendarisch werden met hun eigen projecten. Het is uiteraard wat vroeg om Guiliana in hetzelfde rijtje te gaan plaatsen. Het is echter wel interessant om te kijken wat er ontstaat als deze drummer de muzikale vrijheid kiest. Vrijdagavond 22 mei was dit bijna anderhalf uur te aanschouwen in Bird in Rotterdam.
mark-guiliana-566x377

Mark Guiliana’s Beat Music bestaat uit Chris Morrissey (bas), Jason Lindner (toetsen), Steve Wall (electronica) en uiteraard Mark Guiliana zelf op drums. Het kwartet staat niet voor een uitverkochte zaal maar druk is het wel. Het publiek is onder te verdelen in twee groepen; drummers en niet-drummers, waarbij de tweede groep voornamelijk uit andere soorten musici bestaat. Op voorhand dus een kritische zaal maar ook een die weet waar voor ze is gekomen. Als de vier muzikanten met het eerste stuk beginnen, wordt ook meteen duidelijk dat het weinige publiek wat is gekomen om te dansen geen gemakkelijke avond zal krijgen. Bijna vijf minuten duurt het voordat Guiliana überhaupt een groove inzet. Daarvoor is het een grote ‘swell’ verzorgd door de overige muzikanten. Dit is tekenend voor de rest van de avond. Hoewel de drummer natuurlijk centraal staat wordt het nergens een demonstratie van eigen kunnen waarbij de rest van de band figurant is. Binnen de muziek is er ruimte voor ieders creativiteit. Kenmerkend voor de muziekstijl jazz zou je kunnen zeggen. Of de muziek van Beat Music ook jazz is te noemen, valt echter te betwijfelen. Wat het dan wel is, is ook lastig uit te leggen. Een combinatie van elektronische muziek met elementen uit de jazz en moderne grooves komt het dichtst in de buurt maar omvat het ook niet helemaal. Feit is dat de grooves van Mark Guiliana en Chris Morrissey in ieder geval wel kraakhelder zijn. Het dromerige toetsenwerk van Jason Lindner aangevuld met de (vaak vocale) samples van Steve Wall zorgt voor een haast surrealistische combinatie van geluiden. De nummers lopen vaak vrijwel naadloos in elkaar over en de tijd lijkt voorbij gevlogen als Guiliana het laatste nummer aankondigt. Het laatste nummer is ook meteen het hoogtepunt van de avond waarbij het publiek dan toch nog in beweging kan komen op de reggaegroove van het kwartet.

Wie kwam voor spierballenwerk van Guiliana kwam wellicht bedrogen uit. Zijn spel was hoe dan ook subliem. Het lijkt er echter op dat hij een format heeft gevonden waarin, zoals het hoort binnen de jazz, vrijheid en improvisatie centraal staan zonder dat hieraan ellenlange solo’s zijn verbonden. Hier laat hij dan ook zien dat het evenals de eerder genoemde voorbeelden ook dit project een succesverhaal kan worden. De avond werd uiteindelijk afgesloten met een toegift. Hiervoor had het publiek al duidelijk laten horen volledig te zijn meegegaan in de reis van Guiliana en zijn band. Een enigszins surrealistische, misschien zelfs wel vage reis maar zeker één die de moeite waard was.