Maceo Parker (TivoliVredenburg – Utrecht, 29-10-2014)

MP header

De eerste noten op zijn altsaxofoon trekken je meteen de muziekgeschiedenis in. Ondenkbaar: ‘I Feel Good’ van James Brown zonder zijn beroemde zeven noten durende lick. Bestaan niet: de P-Funk Horns van George Clinton’s Parliament zonder zijn inbreng. Onherkenbaar: Prince’s New Power Generation zonder hem. Kortom, Funk en Soul zoals we die vandaag de dag kennen, zijn voor een groot deel gevormd door de invloed en uit duizenden herkenbare speelstijl die één enkele saxofonist had op de meest invloedrijke musici en bands in de wereld de afgelopen 50 jaar: Maceo Parker.

De Europese tour van Maceo en zijn 7-koppige band ging woensdag 29 oktober van start in de grote zaal van TivoliVredenburg in Utrecht. Het was tevens het enige concert in Nederland, dus de verwachtingen waren hooggespannen. Maceo Parker heeft in zijn historie echter zo ontzettend veel moois dat je niet steeds alle verwachtingen kan waarmaken, laat staan ze overtreffen. Waar het optreden over het geheel genomen prima entertainment was en voor degene die hem voor het eerst live zag vast een zeker een belevenis, daar zal de ervaren Maceo-luisteraar en -bezoeker hebben kunnen merken dat die historie niet ongemerkt aan hem voorbij is gegaan. Met zijn 71 jaar lijkt de conditie een rol te gaan spelen, de hele avond aan een stuk door blazen is er niet meer bij. Maar wat hij dan blaast staat wel als een huis.

Daarbij helpt het dat de band achter hem waanzinnig strak en gedisciplineerd speelt. Drummer Marcus Parker (inderdaad, zijn neef) dieselt als een ongenaakbare metronoom het hele optreden door. Met een spaarzame syncoop laat hij de trein swingen. Zoals een echte diesel betaamt dendert die het hele optreden door en funkt de band er lustig overheen. Aan het einde van de show een fijne hypersolo in petto. Zo heeft showing off toch ook z’n charme. En als we het dan over de ritmesectie hebben, dan mag daar Rodney “Skeet” Curtis niet in ontbreken. Hij speelt als sinds jaar en dag met Maceo Parker (o.m. Funkadelic) en is het tegenovergestelde van uitsloverij. Geheel onderkoeld lijkt hij zich maar half bewust van het publiek en laat horen wat funk spelen op een basgistaar inhoudt. Net als de gitarist overigens zonder opsmuk, functioneel in de goede zin van het woord. Denk aan het tegenovergestelde van Bootsy Collins, dan denk je aan Curtis. Dat geldt eigenlijk voor het hele optreden. De band maakt zijn opwachting, zet een stukje salon-funk in en speelt zo de zaal klaar voor het moment dat Maceo zijn opwachting maakt. Geheel in dienst van. Met ‘This funk is off the hook’ komt de machine langzaam op gang, waarna via een Larry Graham-imitatie en ‘Make in Funky’ van James Brown de funk er echt in komt. De zaal wordt blij, dat heb je zo bij funk. En verdraaid, daar is-ie: de eerste echte bridge! Nu zijn we los. Maar het zijn de krenten in de pap. Zoals de loepzuivere ballad door trombonist Dennis Rollins, op Rhodes begeleid door Will Boulware, en de song door Martha High, die met Maceo Parker al bij James Brown speelde.

Maceo zet zijn band perfect in, helemaal ontkennen dat hij op zijn leeftijd de energie niet meer heeft om een heel optreden te dragen kan hij toch niet. Maar ondanks zijn leeftijd is de energie er gelukkig niet uit, dat merk je aan zijn speelplezier en mooie lach. Even rustig zitten of een nummer het podium af is er niet bij. En áls de sax dan even in de standaard gaat, volgt er ofwel een mooi gezongen nummer (een prachtige vertolking van Ray Charles, inclusief zonnebril), of hangt hij op een aangename manier de clown uit. Want zoals hij tijdens een kort intermezzo de zaal toevertrouwt, voor wie het nog niet wist: op zijn 19e heeft hij zich voorgenomen dat muziek maken was wat hij de rest van zijn leven wilde doen – lekker, als je dan kan beginnen die droom bij ‘the hardest working man in music’ James Brown waar te maken. En daar staat hij dan, na een rijke carrière ruim 50 jaar later in TivoliVredenburg. Ook in het repertoire heeft Parker daarop een voorschot genomen. Zoals gezegd begon de funk er pas na een paar nummers echt in te komen en verdween het idee van een huiskamerconcert met zwoele jazzfunk een beetje – of denk ik nu te veel P-funk. Om een uitspraak van Maceo Parker zelf te parafraseren, dit was geen 2% jazz en 98% funk, dit was op zijn best half om half. Maar een avond prima entertainment door een van de grote musici van onze tijd was het desalniettemin.

foto’s (c) : Tom Moerenhout – Jazzzzine